Home / Artikelen

Veel koffie drinken en intelligentie: wat het onderzoek echt verbindt

Wie flink koffie drinkt, scoort gemiddeld een fractie hoger op een intelligentietest. Dat klinkt als een mooie reden om nog een kop te zetten, maar het onderzoek waar het vandaan komt zegt iets heel anders dan die kop doet vermoeden. Koffie maakt je niet slimmer. Het is een van tientallen alledaagse gewoontes die op groepsniveau een heel klein beetje meebewegen met intelligentie, en meer niet.
Kop koffie naast een opengeslagen boek op een houten tafel
Foto: Fernando Hernandez via Unsplash
Inhoudsopgave

NRC schreef op 12 oktober 2026 over een groot genetisch onderzoek van onder anderen Abdel Abdellaoui (Universiteit van Amsterdam) en Hilary Martin (Wellcome Genome Campus in Engeland), gepubliceerd in Nature Genetics. In hun lijst met kleine eigenschappen die samenhangen met een hogere testscore staan dingen als weinig dutjes overdag, veel kaas eten, harder rijden dan mag en flink koffie maar niet veel thee drinken. Een vreemd rijtje, en dat is precies het punt.

Wat de onderzoekers eigenlijk deden

Het onderzoek gaat niet over koffie. Het gaat over de genetica van intelligentie. De onderzoekers gebruikten de UK Biobank, een Britse database met dna en vragenlijsten van een half miljoen mensen. Daarvan hadden er maar 270.000 een (eenvoudige) intelligentietest gedaan. Dat is te weinig om kleine genetische verbanden goed te vinden.

Dus keken ze welke antwoorden uit de vragenlijsten samenhangen met die testscore. Koffiegebruik, tv-kijken, slaapgewoontes, rijgedrag. Met dat patroon schatten ze voor de rest van de deelnemers een soort virtuele testuitslag. Zo groeide de groep waarmee ze konden rekenen naar 455.000 mensen, en vonden ze meer genetische varianten die met cognitieve vaardigheden samenhangen (van 390 naar 550, volgens NRC).

Koffie is in dat verhaal dus een hulpvariabele. Een vraag uit een vragenlijst die net genoeg informatie bevat om het rekenmodel iets scherper te maken. Niemand heeft gemeten wat er met iemands denkvermogen gebeurt als hij een kop extra drinkt.

Samenhang is geen oorzaak

Abdellaoui zegt het zelf tegen NRC. Op groepsniveau hangen deze kenmerken samen met intelligentie, maar over individuen zeggen ze weinig. „Intelligentie is een complexe eigenschap die ook enorm van de omgeving afhangt.”

Bij koffie liggen een paar verklaringen voor de hand die niets met cafeïne in je hoofd te maken hebben.

  • Werk en leefstijl. Wie op kantoor werkt, aan een bureau zit en veel leest, drinkt vaak koffie in de loop van de dag. Dat zegt meer over het soort werk dan over de koffie.
  • Sociaal-economische factoren. Abdellaoui wijst bij alcohol op dezelfde soort samenhang. Een paar glazen rode wijn hangt positief samen met de testscore, overmatig drinken juist negatief. Dat positieve verband heeft volgens hem waarschijnlijk met inkomen en opleiding te maken. Bij koffie is zo’n achterliggende factor net zo goed denkbaar.
  • Cultuur en land. Het gaat om Britten. Daar is de keuze tussen thee en koffie ook een kwestie van achtergrond en gewoonte. Hoe dat in Nederland uitpakt, zegt dit onderzoek niet.

Daar komt bij dat de test zelf beperkt is. Volgens NRC bestaat hij uit dertien of veertien vragen en correleert de uitslag 0,55 met een uitgebreide IQ-test. Een redelijke meting voor een grote groep, geen precisie-instrument.

Wat we hier vooral sterk aan vinden is de eerlijkheid van de onderzoekers. Ze zetten koffie naast kaas, snelheidsovertredingen en een keer cannabis geprobeerd hebben. Niemand die dat rijtje leest, gaat denken dat harder rijden je slimmer maakt. Met koffie gebeurt dat sneller, omdat we graag iets goeds lezen over wat we toch al drinken.

Wat cafeïne wel doet

Dat koffie je op het moment zelf scherper laat voelen, is iets anders. Cafeïne houdt de vermoeidheid even tegen, je bent alerter en je reactie gaat wat sneller. Dat is een kortdurend effect rond het moment van drinken, en het verdwijnt weer. Met de genetica van intelligentie heeft het niets te maken.

Wil je weten hoeveel verstandig is? De grens van 400 milligram cafeïne per dag voor gezonde volwassenen is onlangs opnieuw bevestigd, lees daarover wat het nieuwe hartadvies zegt. En wie ’s avonds slecht slaapt, doet er goed aan te kijken naar het tijdstip van de laatste kop. Ook een vroege kop kan je nachtrust beïnvloeden, zoals recent slaaponderzoek liet zien. Slecht slapen doet meer met je denkvermogen van morgen dan een kop koffie ooit goed kan maken.

Wat je er als thuisbarista mee doet

Eerlijk gezegd niets, en dat is ook prima. Je hoeft geen kop extra te zetten om er slimmer van te worden, en je hoeft je ook geen zorgen te maken als je liever thee drinkt. Het onderzoek gaat over patronen in honderdduizenden mensen, niet over jouw ochtend.

Wat wel blijft hangen is een bruikbare les voor elk koffiebericht dat je de komende tijd tegenkomt. Staat er dat koffiedrinkers ergens vaker of minder vaak last van hebben, kijk dan of het om een samenhang gaat of om een proef waarin mensen echt meer of minder koffie kregen. Bijna altijd is het het eerste. Dat maakt zo’n onderzoek niet waardeloos, het betekent alleen dat de kop van het bericht vaak harder is dan de conclusie.

Drink dus koffie omdat je hem lekker vindt, zet hem zo goed als je kunt, en houd de hoeveelheid binnen wat je lichaam prettig vindt. Dat levert meer op dan welke correlatie ook.

Redactie NBPA

Lees meer over onze redactie en werkwijze.