Home / Artikelen

Of koffie je tegen parkinson beschermt, hangt af van je genen

Koffie staat al jaren bekend als een drank die samengaat met een iets kleinere kans op de ziekte van Parkinson. Een grote Britse analyse laat nu zien dat dat beeld te simpel is. Over de hele groep gemeten verdween het verband zelfs helemaal, en pas toen de onderzoekers naar één gen keken dat bepaalt hoe snel je cafeïne afbreekt, kwam er een patroon tevoorschijn. Bij de ene groep ging een paar kopjes per dag samen met minder parkinson, bij de andere groep ging juist veel koffie samen met meer.
Twee kopjes zwarte koffie op een houten tafel
Foto: Rizky Subagja via Unsplash
Inhoudsopgave

Wat het onderzoek liet zien

De studie verscheen eind augustus 2026 in het vakblad npj Parkinson’s Disease en kreeg in de weken daarna internationaal aandacht. De onderzoekers gebruikten gegevens van 435.551 deelnemers aan de UK Biobank, een Brits cohort van mensen die bij aanvang tussen de 37 en 73 jaar oud waren. Ze werden gemiddeld 15,7 jaar gevolgd, en in die tijd kregen 3.319 van hen de diagnose parkinson.

Wie alleen naar het aantal koppen koffie keek, vond geen verband met parkinson. Dat is op zich al opvallend, want eerdere studies vonden dat vaak wel. Het beeld veranderde toen de deelnemers werden ingedeeld naar een variant van het gen CYP1A2. Dat gen maakt het enzym dat het grootste deel van de cafeïne in je lever afbreekt. Afhankelijk van de variant ben je een snelle afbreker (AA), een gemiddelde (AC) of een trage (CC). In deze groep was 52 procent een snelle afbreker, 40 procent zat in het midden en 8 procent was traag.

Variant van CYP1A2 Hoe je cafeïne afbreekt Wat de studie zag
AA (52 procent) snel minder dan vijf koppen per dag ging samen met ongeveer 17 procent minder kans op parkinson, het laagst rond twee à drie koppen
AC (40 procent) gemiddeld tot traag vijf of meer koppen per dag ging samen met ongeveer 43 procent meer kans
CC (8 procent) traag vijf of meer koppen per dag ging samen met ongeveer 84 procent meer kans, op basis van weinig patiënten

Ook het geslacht speelde mee. Het gunstige verband bij snelle afbrekers zat vooral bij vrouwen, het ongunstige verband bij veel koffie vooral bij mannen met de AC- of CC-variant.

Waarom de afbraaksnelheid ertoe zou doen

Cafeïne blokkeert in de hersenen de adenosine-receptoren, en dat beïnvloedt het systeem van dopamine, de stof die bij parkinson tekortschiet. Dat is de gangbare verklaring waarom koffie in eerdere studies beschermend leek. De onderzoekers denken dat een snelle afbreker een gematigd cafeïnepeil houdt, terwijl bij een trage afbreker een hoge dosis lang in het lichaam blijft hangen. Dat zou bij veel koffie eerder schade dan voordeel kunnen geven. Ze zeggen er zelf bij dat het directe bewijs voor zo’n schadelijk effect bij mensen beperkt is.

Interessant is ook dat de koffievraag in de UK Biobank geen onderscheid maakte tussen gewone en cafeïnevrije koffie. Omdat het effect vermoedelijk via cafeïne loopt, kan dat het verband over de hele groep hebben afgezwakt. Het betekent ook dat de uitkomsten niet één op één over cafeïne gaan.

Wat het wel en niet zegt over jouw kopjes

Het is verleidelijk om hier een advies uit te halen, maar dat kan niet. Dit is een observationele studie, die een samenhang laat zien en geen oorzaak. Het koffiegebruik werd één keer gevraagd, bij de start, en daarna aangenomen dat het vijftien jaar gelijk bleef. Meer dan 94 procent van de deelnemers was van Europese afkomst, en in de kleinste groep, de trage afbrekers, zaten maar weinig patiënten. De onderzoekers noemen hun uitkomsten zelf hypothesen voor vervolgonderzoek.

Bovendien weet bijna niemand welke variant van CYP1A2 hij heeft. Hoe onrustig je van een espresso wordt, zegt daar weinig over, want ook gewenning speelt mee. De praktische les is daarom bescheidener. Wie geen koffie drinkt, hoeft er niet mee te beginnen om parkinson te voorkomen. Wie van koffie houdt, zit met twee tot drie kopjes per dag in het gebied dat in deze studie bij geen enkele groep slecht uitpakte.

Dat sluit aan bij wat de voedingsautoriteiten zeggen. Volgens het Voedingscentrum stelde de Europese voedselautoriteit EFSA vast dat tot 400 milligram cafeïne per dag voor gezonde volwassenen veilig is en geen hoger risico geeft op onder meer parkinson en alzheimer. Hoeveel kopjes dat zijn, hangt sterk af van je zetmethode, en dat rekenen we voor in hoeveel kopjes koffie per dag veilig zijn. De vijf koppen of meer waar het in deze studie misging, zitten daar voor een flinke beker filterkoffie al ruim boven.

Een rij koffiestudies met dezelfde valkuil

Deze analyse past in een reeks grote koffiestudies uit de UK Biobank. Eerder schreven we over koffie en de lever, en daar gold dezelfde beperking. Wie veel koffie drinkt, verschilt ook op andere punten van wie weinig drinkt. In dit onderzoek rookten de zware koffiedrinkers vaker en dronken ze vaker alcohol, waarvoor de onderzoekers wel corrigeerden, maar nooit volledig.

Wat deze studie wel goed laat zien, is waarom koffieonderzoek zo vaak tegenstrijdig lijkt. Een gemiddelde over honderdduizenden mensen kan een gunstig effect bij de een en een ongunstig effect bij de ander tegen elkaar wegstrepen. Voor wie het overzicht van wat wel en niet klopt wil houden, staan de hardnekkigste misverstanden in ons stuk over koffiemythes.

Redactie NBPA

Lees meer over onze redactie en werkwijze.